Voor duiken in open water volstaat een zwembroek uiteraard niet. Als je na de proeftrainingen besluit om verder te gaan, heb je nood aan extra uitrusting.

Jeugdduikers kunnen bij de KDS ook voor hun buitenduiken tegen voordelig tarief een deel van de uitrusting huren (kleine persluchtfles, jacket, ontspanner). Voor de rest van de uitrusting moet zelf gezorgd worden (wetsuit, botjes, buitenvinnen, lood, masker... zie hieronder)

Volwassen duikers moeten zelf hun materiaal aanschaffen. Huren kan voor hen niet bij de KDS, maar wel in duikzaken in de regio.

Duikpak

Beginnende duikers starten het best met een neopreen wetsuit (of ‘nat pak’). Dit soort pak laat insijpeling van water toe. Dit waterlaagje neemt de lichaamswarmte op en houdt die – in combinatie met het neopreen van het pak- vast. Een goede pasvorm is dus noodzakelijk voor het behoud van de lichaamswarmte onder water.

In onze (niet zo warme) buitenwateren wordt ’s zomers een 7mm dik pak gedragen waar in het tussenseizoen of in de winter een tweede ‘shorty’ pak (5 tot 7 mm dik) overheen wordt getrokken.

Gevorderde duikers schakelen soms over naar een (duurder) droogpak, een waterdicht pak waaronder warmere kledij (fleece e.d.) kan worden gedragen en dat dus meer aangewezen is voor duiken in koude en zeer koude wateren. Een droogpak heeft ook aangepaste waterdichte handschoenen en vaak aangewerkte laarzen/schoenen.

Duikbotjes en Buitenvinnen

Worden zwembadvinnen op de blote voeten gedragen, dan is dat voor buitenvinnen niet het geval. Buitenvinnen zijn zwaarder en minder soepel, hebben meestal een open hiel en worden dus met duikbotjes gedragen. Dit zijn neopreen laarsjes met een dikkere of dunnere loopzool die enerzijds voor voldoende warmte aan de voeten zorgen en die het anderzijds mogelijk maken om over zand, grind en schelpen naar de duikplaats te wandelen.

Duikhandschoenen of -wanten

Dit zijn neopreen handschoenen of wanten die de handen onder water enerzijds warm houden en anderzijds de handen beschermen tegen blessures door stenen, schelpen…

In de zomermaanden volstaan handschoenen van enkele millimeter dik, terwijl in het tussenseizoen en in de winter vaak wordt overgestapt op handschoenen tot 7 mm.

Duikfles

Afhankelijk van het profiel en het luchtverbruik van de duiker zijn grotere en kleinere volumes flessen op de markt.

Volstaan voor jeugdduikers 6L 200bar flessen, dan kan dat bij volwassen duikers gaan tot 12L 300bar.

De keuze tussen 200 en 300 bar flessen heeft ook praktische consequenties. Gezien de aansluiting 200bar (d.i. de klassieke beugel- of INT-aansluiting) en 300bar (de zgn. DIN-aansluiting) verschillend is, moet de keuze van de ontspanner (ademautomaat) hierop zijn afgestemd.

Jacket of trimvest

Het jacket is een vest waarin zich een of meerdere luchtkamers bevinden en waarmee de duiker zijn drijfvermogen (aan de oppervlakte en onder water) kan regelen door er meer of minder lucht in te blazen of eruit te laten ontsnappen. Het jacket is aangesloten op de eerste trap (zie hieronder bij ‘ademautomaat’) en is dus verbonden met de persluchtfles.

In de meeste jackets is ook ruimte voor extra lood (gewicht).

Naast het klassieke jacket zijn er tegenwoordig ook zgn.’wings’ op de markt, waarbij de luchtkamer zich meer aan de achterzijde bevindt.

Ademautomaat

De ademautomaat is het ‘technisch geheel’ dat ervoor zorgt dat de duiker onder water veilig kan ademen. Hierbij hoort tevens nog de inflatorslang (voor het opblazen van het jacket) en de manometer (die de nog resterende lucht in de persluchtfles aangeeft).

Loodgordel met lood

Als tegengewicht voor jacket, fles, neopreenpak… m.a.w. om toch onder water te raken, heb je extra gewicht nodig. Om onder water te kunnen blijven ‘zweven’ moeten duikers het evenwicht vinden tussen lucht in het jacket en het gewicht aan de gordel (of in de loodpockets van het jacket).

Duikmasker

De duikmasker, ook wel duikbril genoemd is essentieel om onder water te kunnen zien. Onze ogen zijn immers niet zo geschikt voor gebruik onder water. Een goede duikbril heeft een (aparte) neus, getemperd glas, een stevige hoofdstrap en een rand die goed en watervast aansluit op het gezicht (meestal rubber of silicone).

Duikmes

Het duikmes is een essentieel deel van de veiligheidsuitrusting van de duiker en dient om zich te bevrijden van visdraad.

Snorkel

Bij buitenduiken kan de snorkel gebruikt worden om aan de oppervlakte te ademen zonder gebruik te maken van de ademautomaat (luchtbesparing!)

Duiklamp

Gezien (zon)licht maar heel beperkt doordringt in het water is een duiklamp een zeer nuttig instrument dat de duiker onder water in staat stelt om voldoende te zien, belangrijk voor de (eigen) veiligheid en om te kunnen genieten van het onderwaterleven!

OSB

De OSB of volledig de ‘Oppervlakte Signalisatie Boei’ is een (meestal oranje) luchtzak die duikers meenemen onder water en die onder meer wordt opgeblazen bij het maken van decompressietrappen. Hij geeft op die manier aan waar de duiker zich bevindt.